De kunstwerken van Chantal Chapelle

Van 1 november tot en met 31 december 2015 exposeert Chantal Chapelle recente acrylschilderijen op doek bij Galerie Blom, Joh. de Wittstraat 43, 3311 KH Dordrecht (1 min. lopen vanaf Station Dordrecht centr.).
Chantal Chapelle (Mortsel, 1954) studeerde aan het Sint Lucasinstituut te Antwerpen. Vanaf 1978 exposeert zij in België, Nederland, Frankrijk, Duitsland, Zwitserland, Engeland, de Verenigde Staten en Nieuw-Zeeland. Haar werk is regelmatig te zien bij Galerie Blom.
Water en lucht zijn belangrijke thema’s in het werk van Chapelle. De liefde voor het water zit in haar genen. Bijna haar hele familie houdt van de zee: varen en zeilen. De intense beleving van water en lucht komt steeds terug in haar werk. Zeker de grote werken geven een sublieme natuurervaring door.
In het zeegezicht Bruisend (2014, 100 x g95 cm) doet een zomerse wind de golven opspatten. Het lichte zeeschuim geeft een krachtig en opwekkend effect, in tegenstelling tot de donkere delen van het water. Groen, blauw, wit en lichtgeel overheersen de lucht en het water, zij geven de zee een zomers effect vol energie en kracht.
Zomerwind (2015, 50 x 70 cm) suggereert een zachte temperatuur. Hier kijk je, zonder een vast referentiepunt rechtstreeks de lucht in waar vogels vrij rondzwermen. Chapelle schetst ze met enkele zwarte verfstreken. De zachtblauwe lucht lijkt zich los te maken van zijn ondergrond van licht oker en geeft een warme zomeravondgloed. Dit schilderij roept herinneringen op aan onvergetelijke zomers.
Naast grote zeegezichten en kleinere luchten zijn er ook kleine strandgezichten te zien, waar mensen, soms vergezeld van een hond, heel bescheiden en klein in rondlopen. Hier leef je je rechtstreeks in in de mens en zijn nietigheid ten opzichte van de natuur.
In de werken van Chapelle spat de energie eraf. Zij balt haar beleving van de natuur samen in heel uiteenlopende schilderijen die de sfeer van de zomer, de ontembaarheid van de zee en de oneindigheid van de lucht laten zien. Sommige werken zijn stil, bij andere kun je als het ware de vogelgeluiden en het bulderen van de zee horen.

Joke Wolfswinkel
Kunsthistoricus

De galerie is geopend van do t/m za van 12 – 18 uur. Extra open zondagmiddag 1 nov., 6 en 27 dec.
Tevens na afspraak; tel. 078-631 31 30.
- In januari 2016 is de galerie even op afspraak open.
- In de serre: permanente expositie bronzen van Pascal Radar.
E-mail: galerieblom@hccnet.nl www.galerieblom.nl
Op zondagmiddag 1 november om 15.30 uur wordt de expositie geopend, met Haiku’s, door mevrouw dr. Anna Beerens, Japanologe.

-----------------------------------------------------------------------------------------------


Chantal Chapelle werd in 1954 te Mortsel (België) geboren en werd opgeleid aan het Sint Lucasinstituut te
Antwerpen. Vanaf 1978 exposeert zij in België, Frank-
rijk, Zwitserland, Duitsland, Engeland en de V.S.
Chantal Chapelle is gek op het water, zowel op de zee als de rivier. Vaak combineert zij het water met de kade, zoals je die in Antwerpen aan de Schelde aan-treft. Of ze vult het gehele schilderij met water, waarin zich sierlijke bootjes of eenzame zwemmers bevinden. De kunstenaar zet de voorstelling monumentaal
op het vlak, zonder afleidende détails. Chapelle bouwt
haar schilderijen op in lagen acryl, zó dat de onderste
lagen door de bovenlaag schemeren. Ze kiest vaak voor het afstandelijke vogelvluchtperspectief. Haar werk is
verwant aan dat van de Vlaamse symbolist Léon Spilliaert. Het is verstild en ademt een uiterste con-
centratie in zijn eenvoud en spanning.
De kleine, in hun beweging gestolde, mensfiguren op de
kaden zijn gestileerd en, netals de loodsachtige blokken, voorzien van een sterke schaduw, terwijl je
nergens en lichtbron ziet. Deze schaduwen versterken de
geheimzinnige werking van het licht.
De voorstellingen doen vaak denken aan een filmstill,
een momentopname uit een onbekend verhaal. Deze gestol-
de actie zet de verbeeldingskracht van de kijker op
volle toeren aan het werk, Specifieke plaatsen kun je niet herkennen, de handelingen kunnen altijd en overal
plaatsvinden.
Door hun eenvoud zijn Chantal Chapelle's werken tijdloos en universeel en blijven ze de toeschouwer fascineren.



Drs. J.R. Wolfswinkel, kunsthistoricus.

---------------------------------------

CHANTAL CHAPELLE

In het beeldend werk van Chantal Chapelle komen drie dingen samen: de schilderkunst, het landschap en de abtractie. Tegelijkertijd behoort Chantal Chapelle tot die kunstenaars die op zoek zijn naar een essentie, die niet van formele of van realistische, maar van spirituele aard is. Het medium dat ze daarvoor inzet, is haast onveranderlijk de schilderkunst. Precies omwille van deze opeenstapeling van paradoxen sluit ze zeer dicht op de tijd aan. Dubbelzinnigheden, tegenstrijdigheden, gelaagdheid en meerduidigheid zijn begrippen die vandaag meer dan actueel zijn, zeker in de wereld van de beeldende kunst. Epitheta als metaforisch, symbolisch en metafysisch komen al gauw op, wil je haar schilderijen uitleggen, maar balangrijker en nuttiger lijkt het me dieper in te gaan op de actualiteit van haar werk binnen de moderne traditie.

Chantal Chapelle heeft al een lange en indrukwekkende carrière als schilder achter de rug. Haar eerste individuele tentoonstelling dateert van 1978. De Belgische Staat, het Vlaamse parlement, de Vlaamse Gemeenschap en belangrijke privé-verzamelingen hebben werk van haar in bezit. Chapelle is al die jaren consequent de schilderkunst trouw gebleven, doorheen de verschillende golven van opkomende en verdwijnende stromingen en trends, soms tegen de tijd in. Ook de keuze van haar onderwerpen is kenmerkend: water en lucht, architecturale en urbanistische vormen, bergtoppen. Deze stuk voor stuk schilderkunstige thema's bij uitstek vormen een geheimzinnige, etherische cluster van silhouetten of afschaduwingen van mensen en dingen, van golven, wolken, boten, deuropeningen, bouwwerken, borstweringen, schaduwen. Terwijl de nieuwe media de blik almaar versnellen, en ook de musea en galerijen daarin meegaan, houdt Chantal Chapelle vast aan de vertragingstechnieken van de schilderkunst. Tegelijkertijd zit ze de tijd op de hielen.

Het beeldscherm van de schilderkunst is geen plat, glad of transparant oppervlak zoals dat van televisie, videomonitor of computer. Er is altijd een dikte, een reliëf, een gelaagdheid, hoe minimaal ook. De eigenschappen van de verf op het schildersdoek blijven in de schilderijen van Chantal Chapelle duidelijk zichtbaar en spelen er een rol, eigen aan het medium, al is het niet die van de traditionele, traag vloeiende en traag drogende olieverf maar van de dunnere en snellere, synthetische acrylverf. En ook al blijven de voorstellingen herkenbaar, ze vallen nooit samen met de "realiteit" omdat ze vastzitten aan het oppervlak dat uit verf en doek bestaat. het is voor haar een uitgemaakte zaak dat de perfecte nabootsing niet het doel is van de mimesis. Chapelle wordt verleid door de charme van de imperfectie, de afwisseling in dikte en steeds weer anders aangebrachte verf op het oppervlak. Schilderijen treden niet in concurrentie met "de werkelijkheid". Ze hebben hun eigen realiteit.

Voor Chantal Chapelle blijft de schilderkunst tot nader order het medium dat het best aan haar aspiraties beantwoordt. Extreem zintuiglijke schilderkunst. Tedere strelingen van de verfstreek, die ondanks hun timiditeit een heftigheid of een opvalllende materialiteit vertonen. Alsof deze in aanraking met het oppervlak van het doek tot een onderhuidse beweging komen. Gestes van schilderkunstige aard, die bij nadere beschouwing een ouderwets illusionisme nieuw leven inblazen met behulp van een directe, klare verf. Geen analysering van de verfstreek zoals bij impressionisten als Monet en Cézanne, maar een gekoesterde idiosyncrasie.

Ondanks die consequente voorkeur van Chapelle voor de schilderkunst is het medium geen doel op zich zoals voor de modernen van de twintigste eeuw. Niet in het medium ligt de essentie van haar werk, maar in het met verf op doek aangebrachte motief. Zij sluit hier eerder aan bij de pioniers van de modernen van de negentiende eeuw, bij schilders als Monet en Cézanne, maar met de nuance zoals die door Monet is verwoord: "het motief staat voor mij niet meer centraal. Wat ik wil weergeven is wat er tussen het motief en mij gebeurt". Daarom ook, dankzij het minimale gewicht van het motief, werken beide schilders dikwijls in series, om almaar dieper in het schijnbaar alledaagse en soms zelfs schijnbaar nietszeggende motief door te dringen. Het is geen toeval dat ook dat bij Chapelle is terug te vinden.

De plek waar die ontmoeting tussen motief en kunstenaar plaatsvindt, is het doek. Zo wordt het onmogelijke mogelijk: in het proces van de obsessionele en subjectieve zoektocht naar de diepgang van het motief treffen realisme en abstractie elkaar. Slechts vanuit die contradictie is het ontstaat van de moderne schilderkunst te begrijpen, en alleen vanuit die ontmoeting is het werk van Chapelle te begrijpen. Het schilderij wordt eerder een beeld van zijn eigen wordingsgeschiedenis dan van een voorgestelde werkelijkheid daarbuiten. Dat geldt zowel voor Cézanne als voor Chapelle, ook al liggen de overwegingen en aspiraties van de ene op het formele vlak, en die van de andere op het spirituele.

Zoals Chantal Chapelle een voorkeur voor een medium heeft, zo heeft ze ook een favoriet motief: het landschap. Ook hierin verschilt ze niet van de eerste modernen. Cézanne's late werk wordt beheerst door enkele steeds terugkerende motieven. Deze schilder, zonder wie de ontwikkeling van de abstracte kunst ondenkbaar is, is als geen ander aangetrokken tot het motief van het landschap. Vooral het landschap van de Montagne Sainte Victoire daagt hem uit. Maar om het werk van Chapelle efficiënter te laten aansluiten bij de modernen, moeten we nog meer terug in de tijd naar een landschap van Casper David Friedrich, Der Mönch am Meer van 1808, volgens sommigen het eerste moderne schilderij.

Friedrich is vooral bekend door zijn extreem
nostalgische en symbolische landschappen. Zijn eigenzinnige "Raumbildung"is kenmerkend. Friedrich doorbreekt de planmatige dieptestructuur van de klassieke landschappen van bijvoorbeeld Poussin of Ruysdael, waarin de ruimte coherant doorloopt van de plaats, waar de kijker staat, naar het verste punt op de horizon. Friedrich geeft geen aanwijzing over de plaats vanwaar het tafereel wordt gezien. Er ligt een kloof tussen de kijker en het landschap. Zij/hij krijgt geen voeling met de voorgrond, bevindt zich hoog boven het tafereel en lijkt te duizelen voor een bodemloze afgrond. Ook Chapelle's schilderijen brengen de kijker uit balans en bezorgen hem/haar duizelingen. Maar daar waar Friedrichs landschappen bestaan uit een voorgrond en een achtergrond, met weglating van een middenruimte, lopen bij Chapelle de voorgrond en de achtergrond in elkaar over tot een oneidige ruimte die zich eindeloos ver en diep lijkt uit te strekken. Zoals bij Friedrich is het resultaat een grenzenloze "Freiraum", dat nergens een aanknopingspunt biedt voor oriëntering.

Die "vrije", onbestemde en ongekende ruimte werkt als een vacuüm. Door het ontbreken van vastheid, versterkt door de weloverwogen keuze voor nauwkeurig uitgesneden zeegezichten, berggezichten, lege pleinen, hoge luchten en onscherpe contouren, wordt de ruimte ontastbaar, immaterieel, spiritueel. Je verliest je in die ruimte. De ruimte voert je verlangen mee en neemt het op in haar leegte, in haar diepte, in haar verte. De gevoelsmatige betrokkenheid van de mens tot de oneindigheid wordt bestempeld als het wezen van de transcendentie. De kunstkritiek spreekt van de uitbeelding van het "sublieme".

Tegenover de landschapsschilderkunst van Friedrich heeft de kunstgeschiedenis daarom de neiging het precies omgekeerd dan bij Cézanne aan te pakken. Een oeuvre uit het begin van de negentiende eeuw zoals dat van Friedrich geeft eerder aanleidingn tot een thematische benadering. Cézanne's werk uit het begin van de twintigste eeuw trekt vooral de aandacht op zijn vormelijke kenmerken. In het werk van Chapelle komen de twee samen. Ondanks de nadrukkelijke aanwezigheid van het motief is er even onmiskenbaar een drang naar abstractie. Veel narratieve en anekdotische elementen zijn er nooit in haar werk geweest en daar waar ze summier aanwezig zijn in de vorm van silhouetten van gebouwen, boten en mensen verwijzen ze naar grote, universele, abstracte thema's. Ze haalt graag in dit verband het werk van Mark Rothko aan en vooral van Anish Kapoor, die in een interview beweert: "I felt more and more the need to move away from the narrative"

Met verschillende transparante verflagen op elkaar ontneemt Chapelle bovendien de contourscherpte van de voorstellingen. Deze gaan niet de confrontatie aan met "de werkelijkheid". Ze zijn uitsluitend hun eigen realiteit en daarom net zo goed abstract. Maar figuratief en abstract zijn geen tegenpolen, en stelling die bepalend was binnen het modernisme. De kunst is geneigd haar "moderne" begin te laten samenvallen met de geboorte van de abstractie. Het "zwarte" of meer nog het "witte" vierkant van Malevitch wordt beschouwd als haar embleem. Maar het eerste moderne schilderij is een landschap en dateert uit het begin van de 19de eeuw. In zijn grijze monotonie en leegte is Der Mönch am Meer van Casper David Friedrich bijna abstract. We bevinden ons op de drempel van het onzichtbaar worden van de schilderkunst, die zich van alle zintuigelijkheid en materialiteit bevrijdt en zuivere spiritualiteit wordt.

Het oeuvre van Chantal Chapelle getuigt van een groeiend inzicht om zo spaarzaam en strategisch mogelijk met verhalende elementen om te gaan. In recente schilderijen, zeegezichten en berglandschappen, zijn alle bijkomstige verwijzingen naar herkenbare realiteiten weggelaten. Ze benaderen de abstractie en appelleren meer nog dan vroeger aan universele gevoelens en verhoudingen. Dat lijkt overmoed, en zelfs stoutmoedigheid, maar in feite is het vertrouwen in zichzelf en in de kunst. De kunstenaar is bereid af te wachten en toe te laten dat de betekenis zelf tot stand komt. Zij wil niet de regie tot in de laatste details in handen houden. Zij laat het beeld zijn eigen betekenis genereren. Maar vrijheid van betekenins is niet hetzelfde als de "conceptuele" vrijheid van interpretatie, en heeft evenmin iets van doen met een "symbolisch" mystiek zwijgen of een "surrealistissche" metafysische stilte. Chapelle wil enkel in deze vrijheid van betekenins de autonomie van het beeld bevestigen.

Anish Kapoor, wiens werk ze bewondert, zegt: "Mijn rol als een kunstenaar is tot uitdrukking te brengen; het is niet mijn rol iets uit te drukken. Ik heb niets speciaals te zeggen, ik heb geen boodschap mee te delen aan iemand. Maar het is mijn rol tot uitdrukking te brengen, zeg maar middelen te definiëren die fenomenologische en andere percepties toelaten die men zou kunnen gebruiken, waarmee men zou kunnen werken, en die dan naar een poëtische inhoud te drijven".

Chantal Chapelle legt zoveel kracht in het motief dat de betekensgeving niet langer het domein van de kunstenaar, noch van de kijker is, maar door het beeld zelf wordt voortgebracht. Die kracht vinden we ook in de romantische landschappen van Friedrich, in de abstracte schilderijen van Mark Rothko, in de sculpturen en tekeningen van Anish Kapoor. Deze zegt: "Meer en meer wilde ik werk maken in de richting van ervaring en weg van vorm, in zekere zin iets dat je letterlijk verzwelgt, dat je letterlijk een gevoel van duizeligheid geeft, van desoriëntatie, om het even, zodat het meer en meer een lichamelijke belevenis wordt".

De duizeling is een gevolg van de zuigende diepte in het beeld. Die diepte vindt Chantal Chapelle onder meer in het thema van de zee, in de eindeloze verte die leidt naar een onbereikbare horizon en waarin de blik ongehinderd spel heeft, maak ook in de natuurelementen zelf van water en lucht. Daarom is hier de term "nausea" zeer op zijn plaats. De monotone duochromie van deze zeegezichten doen denken aan de donkere monochromieën van Rothko. Figuratie en abstractie ontlopen elkaar niet in Chapelle's schilderkunst.

Vooral in de zeegezichten, maar ook in de architecturale landschappen en in de naar de abstractie neigende tekeningen is de diepte niet alleen een techniek of een procédé maar vooral een thema. Het lichaam verliest in het beeld niet alleen oriëntatie en evenwicht, maar wordt ook deel van de diepte, zinkt erin weg en laat uiteindelijk tijd en ruimte achter zich. Vanzelfsprekend daagt hier het beeld op van de kosische zwarte gaten waarin de ruimte ophoudt te bestaan en de tijd tot een einde komt. Maar deze vergelijking gaat niet op voor wat het licht betreft. Uit een zwart gat ontsnapt geen licht, terwijl de schilderijen van Chapelle, zoals Friedrichs landschappen, lijken te worden verlicht van binnenuit.

Mark Rothko was van mening dat zijn donkere doeken uit het einde van de jaren '50 het beste tot hun recht kwamen tegen getinte wanden en gedempt belicht. In het halfduister begonnen volgens hem het laag over laag aangebrachte blauw, paars en zwart zelf licht uit te stralen. Zijn schilderijen werken als verfschermen. Rothko had trouwens hetzelfde op het oog als de televisiemakers, de kijker raken en ontroeren. "Het feit dat talloze mensen ineenstorten en beginnen te huilen wanneer ze in aanraking komen met mijn schilderijen, laat zien dat ik communiceer met fundamentele menselijke emoties".

Omdat de kracht van het beeld ligt in de intensiteit van het licht achter het oppervlak, doet het er minder toe of die oppervlakken groot of klein zijn. Daarom variëren de formaten van Chapelle's schilderijen van enkele decimeters tot enkele meters. Opvallend en tekenend is dat de vorm meestal horizontaal of vierkant is, zelden verticaal. Ook hierin wijken ze niet ver af van het kleine beeldscherm en het filmdoek of het breedbeeld.

Vandaag de dag staan schilders tegenover de nieuwe media van film, video en computer. Ze experimenteren niet alleen met het display en de werkwijze, maar ook met het intensieve licht van beeldschermen en
monitoren. Niet het licht dat op de dingen schijnt en ze zichtbaar maakt, maar het licht dat vanachter het beeld straalt en het uit de duisternis doet oplichten.De uitdaging bestaat erin om met verf een equivalent te vinden voor het zinderende pulserende licht dat vanachter de schermen komt. Chantal Chapelle is gefascineerd door het spel van licht en duisternis dat diep achter en onder de verflagen ligt, of diep achter en onder de "werkelijkheid", een kosmisch licht dat buiten het bereik van de mens schijnt en onvergangkelijk lijkt.

Paul Van Beek, juli 2006.

Zee (2014)

acrylverf op linnen
60 x 60 cm.

Chantal Chapelle aan het werk. (2015)

foto
120 x 120 cm.